maak een wapenschild

Speel iemand met een hoofddeksel.

Monoloog

 

Een monoloog is alleenspraak; een betoog van één persoon die aan het woord is (en blijft).

 

Monoloog komt van het Grieks, waar μόνος (monos) één en alleen betekent, en λόγος (logos) woord of idee betekent. In het theater is het een toneeloptreden van één acteur binnen een toneelstuk. Daarvoor wordt vaak de term soliloque gebruikt.

 

In een gesprek op een bijeenkomst betekent een monoloog dat de andere aanwezigen niet aan het woord kunnen of mogen komen. Een toespraak dus. Het is het tegengestelde van een dialoog.

 

Dialoog

Een dialoog is een gesproken of geschreven conversatie tussen twee of meer personen.

De dialoog (Grieks διάλογος, gesprek) was in de literatuur van Grieken en Romeinen een geliefde literaire vorm, die niet alleen toepassing vond in verschillende literaire genres (epos, lyriek, drama, historiografie, diatribe) maar sinds de 5e eeuw v.Chr. ook uitgegroeid is tot een zelfstandig literair genre, nl. de gestileerde weergave in proza van een al dan niet gefingeerd gesprek over een onderwerp van beschouwelijke, meestal wijsgerige aard.

 

Aan het begrip dialoog wordt verschillend invulling gegeven, afhankelijk van het gebied of de context waarin het gebruikt wordt. In een ruimere betekenis geldt een dialoog ook voor een gesprek tussen twee of meer partijen, instanties of groepen van personen, zoals de dialoog tussen werkgevers en werknemers, tussen de leraar en zijn klas.

Weef een kleedje voor je pop

 

Weven is een van de oudst bekende technieken voor het maken van een lap stof. Het basisprincipe van weven is, heel eenvoudig gesteld, als volgt: een aantal draden wordt op een raamwerk gespannen. Deze draden noemen we de ketting- of scheringdraden, kortweg de schering of ketting, het raamwerk is het weefraam of weefgetouw.

De draad die door de ketting geweven wordt, heet de inslagdraad of inslag. De inslagdraden lopen van de ene zijkant van de stof naar de andere kant, in de breedterichting dus, de kettingdraden lopen in de lengterichting. Op onderstaande afbeelding ( tek. 1.) loopt de ketting van onder naar boven en de inslag van links naar rechts of rechts naar links.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

In de loop der tijden is in het basisprincipe van weven weinig veranderd, het weefgetouw daarentegen heeft een behoorlijke ontwikkeling doorgemaakt.

 

Wanneer er voor het eerst werd geweven en hoe het eerste weefgetouw eruit heeft gezien, is niet precies bekend. Een van de oudste afbeeldingen van een eenvoudig weefgetouw is te zien op een aardewerk schaal uit Egypte. Het betreft hier een schaal die gedateerd is op ongeveer 4400 v. Chr.. De schaal is gevonden in de graftombe van een vrouw Het afgebeelde weefgetouw is een horizontaal getouw.

 

Een heel ander type getouw dat vooral in Europa bekend was, is het gewichtengetouw., een verticaal weefgetouw. Bij dit type getouw worden de kettingdraden op spanning gebracht door weefgewichten aan bundeltjes kettingdraden vast te maken. De weefgewichten konden gemaakt zijn van steen of van aardewerk .

Mogelijk gebruikte men in het allereerste begin aan de bovenkant een boomtak in plaats van een dikke stok.

 

Van de eerste gewichtengetouwen is vrijwel niets teruggevonden, het materiaal is in de loop der tijden volledig vergaan. Alleen door bijzondere omstandigheden kunnen materialen als hout, textiel, planten- en dierenvezels bewaard blijven, het materiaal wordt dan als het ware geconserveerd. De beste omstandigheid voor conservering is droog woestijnzand. De belangrijkste textielvondsten zijn dan ook afkomstig uit woestijngebieden in Egypte. Het oudst bekende textiel ( ca. 12.000 jaar oud ) is gevonden in droge gebieden Peru.

 

Overblijfselen die wél zijn gevonden, zijn de weefgewichten. Weefgewichten kennen we ook van vondsten in Nederland (o.a. Uit Ezinge, Haren, Emmen ).

 

Op een gewichtengetouw is het mogelijk langere weefsels te maken dan het getouw hoog is. Het teveel aan lengte van de ketting kan rond de gewichten worden gewikkeld, het weefsel kan op de bovenste stok worden gerold ( de stok die op de zijbalken rust ).

 

In de dertiende eeuw worden weefgetouwen voorzien van trappers of pedalen. Het gaat dan om rechthoekige, houten constructies van palen waarop horizontale stokken/palen rusten. Op deze weefgetouwen is het nog sneller en comfortabeler werken.

 

Hoewel er tegenwoordig gecompliceerde getouwen, waaronder computergestuurde, in de handel zijn, is het nog steeds mogelijk om ook op eenvoudige weefgetouw bijzondere stoffen te maken

 

Grotschilderingen

Routebeschrijving:

 

Als je het kamp uitloopt, steek dan de rivier over via de stapstenen naar de overkant, loop een stukje door het bos en ga bij de grote omgevallen boom naar links. Als je het bos uitkomt steek dan de het grote veld over en ga over de grote bergen heen. Tussen de twee bergen door die het hoogst zijn. Als je de drie grote rotsblokken die naast elkaar liggen bent gepasseerd daal je af naar het hele grote veld en daar loop je langs het meer. Aan de overkant van het meer vind je een groepje bomen... pas op want hier liggen vaak leeuwen te slapen. Ga bij de bomen naar rechts langs het kleine meertje, waar je overigens goed kan vissen, en loop dan naar het grote staande rotsblok. Als je bij zonsondergang daar bent dan grazen hier vaak mammoeten en gazelles.