1

Teken een fantastisch dier.
Ik ben een bangig muisje, of nee... misschien toch niet. Ben ik dan misschien een snuffelige olifant
die met z'n lange slurf in allerlei zaakjes zit? Nee... ik dacht het toch niet....

Oh ja, ik ben een stoere neushoorn? Niet? Misschien een elegante giraf of een griezelige grizzly?

Och lieve help, ik heb een krulstaartje, ik moet een knorrig varkentje zijn, maar mijn bulten op mijn rug wijzen duidelijk in de richting van een kameel!

Kan iemand mij helpen, ik zit in een identiteitscrisis, wie kan mij zeggen wat ik ben?

Een krokodil of een draak?

Ik weet het niet!

Wat zeg je?

Een muziraffeelige bedrakerige olidil?

Wat is dat?

 

Dat ben ik niet, ik ben een van-alles-en-nog-wat-dier. Ja dat ben ik.

Klaar.

1.Maak een lijstje met dieren die je leuk vind. Er staat bij tips en trucs een lijst met allerlei dieren.

2. Kies van elk dier een lichaamsdeel uit. Je hebt een kop nodig, oren, ogen, neus en misschien ook hoorns, een nek, buik, 4 poten (of 5?) en een staart. Je hebt dus minstens 9 dieren nodig op je lijstje.

3. Teken alle lichaamsdelen aan elkaar.

4. Wat heb je nodig?

Wit papier
Potloden, kleurpotloden en een gum.