Caravaggio

 

In 1599 kreeg hij zijn eerste publieke opdracht: de versiering van de Contarelli Kapel in de kerk van San Luigi dei Francesi. Deze bekleedde hij met scènes uit het leven van Mattheus zoals 'De roeping van de Heilige Mattheus' en 'Martelaarschap van de heilige Mattheus'. Rond 1601 kreeg Caravaggio zijn 2de grote opdracht, de versiering van de kerk van Santa Maria del Popolo in Rome, met o.a. "De bekering van de heilige Saulus" en "De kruisiging van de Heilige Petrus". Van dan af werd hij overstroomd met publieke opdrachten.

 

Caravaggio's privé leven was zeer tumultueus. Hij had een rebels karakter en kwam vaak in conflict met de wet. Hij werd verschillende malen gearresteerd en opgesloten. Enkele keren kon hij ontsnappen uit de gevangenis. Op 28 mei 1606, tijdens een tenniswedstrijd, geraakte Caravaggio betrokken in een moord: met een mes vermoordde hij zijn tegenstander. Hierdoor was hij verplicht Rome te verlaten en te vluchten naar Napels. Daar werkte hij gedurende enkele maanden aan werken zoals o.a. "De geseling van Christus". Deze werken waren cruciaal voor de verdere ontwikkeling van het naturalisme bij de Napelse kunstenaars. Dat zelfde jaar reisde hij verder naar Malta, waar hij gehuisvest was bij de ridders van St. John. Hier heeft hij één van zijn weinige portretten gemaakt, namelijk dat van één van zijn mederidders, Alof de Wignacourt. Op 14 juli 1608 wordt Caravaggio gekroond tot "de gratia" ridder van de orde van St. John. Later dat jaar werd Caravaggio opnieuw gevangen genomen. Opnieuw ontsnapte hij uit de gevangenis. Hierna vluchtte hij naar Syracuse in Sicilië. Daar schilderde hij enkele monumentale werken zoals "De begrafenis van de heilige Lucy" en "De verrijzenis van Lazarus". Dit waren enkele van de laatste werken van Caravaggio want op 18 juli 1610 stierf hij op de kust van Porte Ercole in Toscanië, door koorts opgelopen tijdens een poging om terug naar Rome te komen. Hij heeft Rome evenwel nooit bereikt.

 

Weinig kunstenaars hebben zo'n grote invloed gehad in de geschiedenis als de stormachtige Caravaggio in zijn korte leven. Zijn tot het uiterst doorgedreven uitspelen van de effecten van de lichtinval en van de lichttegenstellingen (clair-obscur) deden menige wenkbrauwen fronsen maar hebben beslist nieuwe impulsen gegeven aan de schilderkunst. Door Caravaggio veranderde het standpunt van vele Europese schilders van het idealistische standpunt van de Renaissance naar het standpunt dat realiteit van primair belang was. Men kan zeggen dat Caravaggio gezorgd heeft voor de doorbraak van het realisme en het echte begin van de barok.

 

2. Zijn werken

 

Caravaggio's werken kunnen ingedeeld worden in 2 grote groepen. Zijn vroegste werken waren vooral profane genretafereeltjes en stillevens waarvan hij voorbeelden had gevonden bij Titiaan. De meeste hiervan zijn gemaakt toen hij werkte in dienst van Kardinaal Francesco Maria del Monte. De bekendste zijn "De Jeugdige Bacchus" en "Fruitmand", één van de eerste stillevens uit de schilderkunst van het westen. In zijn latere periode maakte hij vooral religieuze schilderijen, meestal om een kerk te versieren. Zijn bekendste religieuze werken zijn "De roeping van de Heilige Mattheus", dat hij gemaakt heeft voor de Contarelli Kapel en "De bekering van de Heilige Paulus", wat bedoeld was voor de kerk van Santa Maria del Popolo in Rome.

 

Er zijn veel meningsverschillen geweest rond de werken van Caravaggio. Zijn natuurgetrouwe weergave werd door velen van zijn tijdgenoten als brutaal realisme ervaren. Hij hield zich niet aan de regels van het idealisme maar ging zijn gang in zijn eigen realistische stijl. Dit vonden ze barbaars. En wat zeker niet te aanvaarden was, was de manier waarop hij heiligen afbeeldde: gewoon zoals normale mensen, vaak al wat ouder, met een vuile vergeelde en verouderde huid. Er was geen verschil te merken in zijn schilderijen tussen een gewone mens en een heilige.

 

 

 

1.Maak een tekening in het donker.

Caravaggio maakte veel schilderijen en gebruikte vaak het clair-obscur.

Jij gaat ook zo'n schilderij maken, met wasco.

Bedenk eerst iets waar je graag een plaatje van wil maken, een mooie auto, een dier, of een beeldje, het geeft niet wat. Neem de objecten mee naar de les. Bedenk dan hoe dit eruit ziet als je met een zaklantaarn, in het donker op je object zou schijnen. Misschien willen jullie het lokaal wel donker maken en met een zaklantaarn op dingen die jullie meegenomen hebben schijnen, je kan dan goed zien welke stukjes donker zijn en welke stukjes licht.

 

2. Teken dit.

Kleur je plaatje netjes, met lekker felle kleurtjes in.

Als je plaatje helemaal is ingekleurd pak je zwarte wasco en maak je de rest van je tekenpapier helemaal zwart.

 

.

3. Is het goed gegaan?

Moeilijk hè, om die zwarte wasco van je handen te wassen? Als je alle tekeningen bij elkaar op de muur hangt, wordt de muur helemaal zwart met hier en daar een plaatje.

Het is net of jullie met een heleboel zaklantarens op de muur schijnen!

 

 

 


Wat heb je nodig?

een object
wasco, een stevig (wit) papier